De hoogste Europese ’vleesbergtop’ bevindt zich in Nederland

Op de middelbare school was het altijd een strikvraag: welke berg is de hoogste van Europa? Het juiste antwoord is niet de in Frankrijk gelegen Mont Blanc (4808 meter inclusief de sneeuwtop) maar de Elbroes (5642 meter) in de Russische Kaukasus. De Fransen zullen hier tegenin brengen dat de Elbroes geografisch niet tot Europa behoort, wat ’plausibel’ klinkt. Voor de Fransen dan…….

De hoogste vleesberg van Europa bevindt zich evenwel – onomstotelijk bewezen – in Nederland, met een hoogte van 8,8 miljard Euro aan exportwaarde – in 2020 – staat het kikkerlandje daarmee ’lonely aan de top’. ’We’ blijven met deze (vlees)hoogte Spanje net voor, maar de bronzen plak van Duitsland stelt al weinig voor. Met 1,5 miljard Euro(meters) achterstand hoeven ’we’ onze oosterburen niet te vrezen. Of de grote groep Immigranten in de ’Heimat’ zou ook ineens trek moeten krijgen in een ’Currywurst’, maar die wordt meestal gefabriceerd uit varkensvlees. No go dus voor deze lekkernij en al helemaal niet tijdens de Ramadan…..

8,8 miljard Euro exportomzet aan vleesproducten……Over hoeveel kilootjes hebben we het eigenlijk? 3,6 miljard kilo in 2020 om precies te zijn mevrouw Marianne Thieme! Mevrouw Thieme? Ja, zij was lang de strijdlustige aanvoerster van de Partij voor de Dieren in de Tweede Kamer. Na elk betoog van haar sloot ze af met de volgende woorden: ’voorts ben ik van mening dat er een einde moet komen aan de bio-industrie’. Een leuke parafrase op de uitspraak van de Romeinse senator Cato Maior die na elke redevoering de volgende tekst uitsprak: Overigens ben ik van mening dat Carthago vernietigd moet worden’. Thieme was in de periode 2006 – 2019 actief Tweede Kamerlid, aan de bio-industrie heeft ze evenwel geen (actief) einde kunnen maken. Sterker nog, in deze periode steeg de Nederlandse vleesafzet met meer dan 30%. Als lid van de Zevendedagadventisten moest Thieme ook al weinig van homoseksuelen hebben, maar dat heeft natuurlijk niks met dode dieren te maken……

Die vleesjongens zijn door de jaren heen werkelijk spek(ver)koper geworden, de (export)-vleeskilo’s schieten al jaren door het (stal)dak. Werd in het jaar 2000 nog 2,4 miljard kilo verhandeld op internationaal niveau, twintig jaar later staat de ’slachterijweegschaal’ op 3,6 miljard kilo’s. 85% van de afzet betreft vlees dat in Nederland is ’geproduceerd’ of verwerkt. Dat zijn toch bedrijfsmatige grootheden waarop we met z’n allen trots kunnen zijn! Of niet?

Ik zou zeggen, ja en nee. Ja, omdat Nederlandse boeren/vleesverwerkers uitstekende ’producten’ afleveren die gewild zijn in den vreemde. Verder bewijzen de cijfers dat Nederlandse ondernemers in de internationale vleeswereld hun mannetje (of vrouwtje) staan, met de prijs/kwaliteitsverhouding zit het dus wel geramd. Bovendien was de totale Nederlandse vleesketen in 2019 met 8,7 miljard euro omzet goed voor 1,1 procent van het Nederlandse bbp. Hiermee genereerde de vleesbranche 98.000 voltijdsbanen, goed voor 1,3% van de Nederlandse werkgelegenheid. Prachtige resultaten met gouden vetranden dus!

Nee, omdat de intensieve vleesproductie een forse bijdrage levert aan de toch al te hoge stikstofuitstoot. In feite’ produceert’ en bewerkt het Nederlands (boeren)bedrijfsleven veel te veel stukken van dode dieren op ons klein lapje grond. Bovendien wordt er gesleept met van alles en nog wat. Van pluimvee uit Duitsland – voor een waarde van 240 miljoen Euro – tot ruwe palmolie uit Indonesië en sojabonen uit Brazilië. Tja die beesten moeten ook wat te vreten hebben nietwaar? Alleen een beetje jammer dat voor dit doel oerwoudreuzen moeten worden neergehaald, zodat er landbouwgrond voor de sojateelt vrijkomt.

Hoe nu te schipperen tussen deze twee tegenpolen? Tja, da’s ’the one million Dollar question’ die in deze eenvoudige column niet eenvoudig kan worden beantwoord. Maar ik heb misschien wel een kleine suggestie. De meest in het oog springende landen waarnaar Nederlandse bedrijven exporteren zijn Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en China. Naar dit laatste land worden vooral ’varkensproducten’ geëxporteerd. (noot: waarschijnlijk zijn die Chinezen al net zo dol op babi panggang als de gemiddelde bouwvakker in Oude Pekela…….) Mijn ideetje? Bij de aankoop van minimaal 1 ton varkensvlees ontvangt de Chinese handelaar 100 kilo ’vegaburgers’ gratis. Het betreft vegaburgers verzameld bij de grote supermarkten die meegaan in de diepvries-zeecontainer. Er zit één addertje onder het gras, de uiterste houdsbaarheiddatum van de vegaburgers is inmiddels overschreden. Maar daar merken die Chinese consumenten toch niks van en zo wordt iedereen blij. De Chinese handelaren zullen op deze manier nog meer (varkens)bestellingen in Nederland plaatsen. Nog meer blije mensen, toch?

Één probleempje heb ik over het hoofd gezien en dat is de verdere exponentiële stijging van de Nederlandse vleesexport. Tja, dat is een schoonheidsfoutje, maar misschien raken de Chinezen wel verslaafd aan de vegaburgers die anders in afvalcontainers gedumpt hadden moeten worden. Wat zegt U, de vegaburgers die ’over datum’ zijn kunnen toch aan koeien gevoederd worden? Hoe komt U daar nou toch bij? We willen met z’n allen toch geld verdienen…………?

Tot slot:

samenstelling vegaburger(schijven): het vlees in een vegaburger is vervangen door bonen, noten, tofoe of paddestoelen. Tofoe? Dit is een eiwitrijk sojaproduct. Soja? Waar kwam dit agrarische product ook maar weer vandaan………..?

De geest wil wel, maar het vlees is zwak

Vélemény, hozzászólás?

Adatok megadása vagy bejelentkezés valamelyik ikonnal:

WordPress.com Logo

Hozzászólhat a WordPress.com felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Google kép

Hozzászólhat a Google felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Twitter kép

Hozzászólhat a Twitter felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Facebook kép

Hozzászólhat a Facebook felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Kapcsolódás: %s