Maar die Hongaarse oudjes gaan gewoon nog naar de markthal!

loesje

In de binnenstad van de zuidelijke Hongaarse stad Pécs was het afgelopen maandag hommeles voor de ingang van de centrale markthal, de Pécsi Vásárcsarnok. Het gemeentebestuur had verordonneerd dat er maximaal 100 mensen – veelal stadsbewoners van gevorderde leeftijd – op de oude betonnen marktvloer mogen rondschuifelen. Deze maatregel liet de Burgemeester snel varen toen er een oploop ontstond van honderden bezoekers/kopers die zich ophoopten voor de ingang. Men begon hevig te protesteren, het oproer der oudjes kraaide! Hadden zij – de senioren – er dan niet voor gezorgd dat er een revolutie in de gemeenteraad had plaatsgevonden? De overgrote meerderheid van de Orbánpartij Fidesz was immers bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen weggestemd en ook de Fidesz burgemeesterskandidaat werd met pek en veren op een bolderkar gezet.

Op dit moment mogen de winkels in geheel Hongarije nog open zijn tot 3 uur in de middag. Als deze inkt droog is kan dat in deze coronavirusachtbaan overigens al weer oud nieuws zijn. Maar snel doorpennen dus……Binnen in de markhal is het altijd een drukte van belang, groente- en fruitstandjes staan vlak naast elkaar, of met de rug tegen elkaar. Aan de zijkanten kun je een heerlijke Hongaarse bloedworst bestellen – véres hurka – die staand naast een andere peuzelaar soldaat kan worden gemaakt. Na het laatste slokje bier weggeklokt te hebben is het tijd om die verse kip te kopen bij dat oude vrouwtje. Huiskip natuurlijk, persoonlijk gevoederd op het erf. Daarna nog even naar de eerste etage waar op grote tafels veelal Zigeuners diverse soorten paddestoelen aanprijzen, eekhoorntjesbrood met een diameter van meer dan 20 centimeter is geen uitzondering. Uiteraard alleen tijdens het seizoen.

Zo zijn er nog onnoemelijk veel van dit soort markthallen te vinden in heel Hongarije. Vaak oude, grote in socialistisch-realistisch stijl opgebouwde ’pakhuizen’. Bij de vrijheidsbrug in BoedapestSzabadsághíd – bevindt zich overigens een juweeltje, een markt in monarchistische stijl. De hygiëne is op de meeste plaatsen acceptabel, maar in deze coronatijd zouden het wel eens ’ideale’ besmettingshaarden kunnen zijn. Gedrang in hutje mutje situaties draagt volgens mij nu niet echt bij aan de afremming van dat virus met het kroontje.

Zelf betreed ik regelmatig met een groot – nostalgisch – plezier één van deze archaïsche ’plaza’s’. De gezellige drukte, de hartelijke ontmoetingen, het grote versassortiment, maar vooral de geur van oude tijden geeft altijd een prachtig palet aan indrukken. Niet dat die oude tijden zo prettig waren – want communistisch – , toch heb je het gevoel stevig in de volkse wereld te staan. Ééntje waarin praatjes worden aangeknoopt, handeltjes worden gedreven en oude knarren elkaar op de schouder slaan. Een geweldig contrast met die moderne ’shopping malls’ die steriel ogen en allemaal volstaan met dezelfde zogenaamde merkoutlets. Op de achtergrond hoor je rustgevende deuntjes van het type Richard Clayderman. Wie kent overigens ’ballade pour Adeline’ nog?

Van de week las ik een kranteartikel waarin landen als Singapore en Taiwan bewierookt worden. Het aantal coronagevallen is daar tot nu toe beperkt gebleven, voornamelijk door de zeer strenge maatregelen die zijn opgelegd aan de burgerbevolking. Als je je hoofd om de hoek van je eigen deur steekt dreigt reeds een zware geldboete of gevangenisstraf. Nu zal ik de laatste zijn om het overheidsingrijpen in deze landen te bekritiseren, want wat is wijsheid in deze onzekere periode? Daarover verschillen zelfs de deskundigen van mening. Wel vraag ik me hardop af of keiharde vrijheidsbeperkingen in westerse samenlevingen gepikt zouden worden. Vooral als deze – pak ’m beet – meer dan 2 maanden zouden duren. En dan heb ik het nog niet eens over de catastrofale economische schade die een complete lock down veroorzaakt.

In Hongarije laten veel (eigenwijze) ouderen – vooral in steden – zich vooralsnog niet vrijwillig opsluiten. Hier wreekt zich trouwens de evolutie naar een geïndividualiseerde samenleving, een virus dat Hongarije ook hard heeft getroffen. Veelal zitten Hongaarse gepensioneerden in hun eentje thuis in hun kleine flatappartement en dat is voor 2 á 3 dagen misschien best plezierig, maar daarna wil tantje Marietje – Marika néni – toch graag even die paar appels en dat stuk spek kopen in de markthal. Bovendien komt ze daar altijd haar oude schoolvriendin Erika tegen met wie ze nog heeft geknikkerd op de lagere school. En het gesprek met Erika gaat niet over de laatste ontwikkelingen op het internet, want dat is voor veel Hongaarse senioren nog altijd een ver-van-mijn-bedshow.

Jongere Hongaren zijn door het gedrag van hun oudere landgenoten niet altijd ’amused’, Nu zijn zij hun baan al kwijt en beperken ze zichzelf in hun bewegingsruimte en wat doen die oudjes? Die drommen bij elkaar op de marktvloer, waar zijn ze in hemelsnaam mee bezig!?  Bovendien, zo redeneren de ’angry Hungarians’ verder, wij zijn het toch die de dringende adviezen opvolgen die jullie vervolgens teniet doen. En jullie zitten nu juist in de risicogroep!

Dit laatste is dan ook weer een begrijpelijke reactie, een ieder bevindt zich natuurlijk onder hoogspanning. Voor de volksgezondheid is het wellicht verstandig om die markthallen de deuren te laten sluiten, de Hongaarse regering is echter (nog) niet zover. Tja, als Orbán de markthallen sluit krijgt hij trouwens niet alleen de oudjes over zich heen, maar al die kleine zelfstandige standhoudertjes ook. Bovendien wrijven Tesco en Lidl zich dan in de handen, die kunnen dan nog meer pleepapier bestellen!

Het aantal besmettingen is op dit moment in Hongarije net boven de 100 personen. Tja, wat is wijsheid? Als de besmettingen beperkt blijven en Europa gaat weer langzaam ’open’ vlamt wellicht toch nog een groot aantal besmettingen op. Italië bereikt namelijk op enig moment ’groepsimmuniteit’. Maar Hongarije dan?

Premier Viktor Orbán en een hele stoet van artsen, regeringsvertegenwoordigers en zelfs bekende musici roepen in diverse media het volgende: MARADJ OTTHON, blijf thuis dus. Voor veel ouderen is dit nog steeds aan dovemansoren gericht maar er zijn er wel meer die dovemansoren aan hun hoofd hebben…..

Ik doe gewoon wat mij niet verteld wordt (Loesje)

Vélemény, hozzászólás?

Adatok megadása vagy bejelentkezés valamelyik ikonnal:

WordPress.com Logo

Hozzászólhat a WordPress.com felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Google kép

Hozzászólhat a Google felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Twitter kép

Hozzászólhat a Twitter felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Facebook kép

Hozzászólhat a Facebook felhasználói fiók használatával. Kilépés /  Módosítás )

Kapcsolódás: %s